Coller,collage,plakken,geplakt tekst van Micky Piller

 

Coller, collage, plakken, geplakt

Zo eenvoudig is het soms, je plakt er wat op en het wordt anders. ANDERS??? Zelfs BAANBREKEND, maar dan heet je wel Picasso of Braque en dan ben je de eerste die het doet. Dat was ergens rond 1912 toen ze samen schilderden, ieder in hun eigen Parijse atelier in het Bateau Lavoir op Montmartre.
Ze ontdekten en gebruikten een nieuwe beeldtaal waarin ze allerlei dingen tegelijkertijd willen laten zien: tijdsverloop, voor- en achterkant, boven en onder. Het onderwerp, zoals het landschap, of vooral toch stillevens met een gitaar of viool, wordt opgebroken in vakjes en als een puzzel uitgesmeerd op het doek, in fragmenten die niet logisch in elkaar zitten. Maar die, als je de sleutel vindt, toch één geheel worden. En dan, dan plakt Picasso ook nog iets op dat gefragmenteerde doek: in een ovale compositie lijmt hij een stuk van een gevlochten rieten stoelzitting. Er omheen plakt hij een stuk touw. Deze aller eerste collage
Stilleven met gevlochten stoelzitting (Nature morte à la chaise cannée) ontstond ergens in 1911-12.
Braque laat het er niet bij zitten, hij maakt in september 1912 zijn
Jampot en glas (Compotier et verre), het eerste echte papier collé, wellicht de meest authentieke vorm van de collage: hij lijmt papier op het doek. Wat Picasso deed was eigenlijk meer een assemblage, het samenvoegen van verschillende materialen. Door het plakken van het stukje rieten zitting en dat touw, zette hij de weg open naar allerlei combinaties, terwijl het papier collé, het gelijmde papier, zich noodgedwongen beperkt tot het aanbrengen van papier.
Met het cubisme en de collages braken nieuwe tijden aan in de schilderkunst. Sinds 1860 was de band met de werkelijkheid toch al steeds meer verdwenen. Denk aan de jolige toetsen van impressionisten als Monet, de monsters uit de dromen van Redon, de stipjes van Seurat en de hevige kleuren en streken van Van Gogh.
Het hek was van de dam en er volgden steeds meer baanbrekende vernieuwingen. Schilderkunst was niet meer vanzelfsprekend mooi en makkelijk toegankelijk. Toeschouwers op zoek naar schoonheid, keken met steeds meer verbijstering naar wat zich ontspon in al die schilderijen. Schilderijen? Waren het maar schilderijen, men had het over “Gevonden Voorwerpen”/
“Objets Trouvées”, van een pisbak die werd omgedraaid tot aan flesjes met lucht en een strijkijzer met spijkers en tot doosjes waarin dingen werden bijgezet.
Al deze kunstwerken waren niet alleen het gevolg van logische ontwikkelingen, maar vooral het resultaat van konsekwent doorgevoerde theoretische beschouwingen. Van het onderzoek naar tijdsverloop en de mogelijkheid tegelijkertijd onder en boven, de voor- en achterkant op het platte vlak van het schilderij te laten zien, tot de erkenning dat uiteindelijk altijd het publiek, de conservator of galeriebezoeker degene is die het kunstwerk ‘afmaakt’ door zijn acceptatie. Zoals we dat nog steeds doen, wij als toeschouwer.
En ja, daar staat u nu allemaal te kijken naar deze tentoonstelling van collages. Als uw vraag is: “Wat moet ik hiermee?” Dan is dat het goede begin! Kijken, ... gewoon onbevangen kijken. Daar hebben u en het kunstwerk het meeste aan. Nee, ik ben geen zwever die gelooft dat levenloze materie door uw of mijn aandacht tot leven komt. Maar als u vrolijk en vragend blijft kijken, ZIET u dingen die u anders niet waren opgevallen.
Neem dat gele werk van Piet Tuytel. Wat trekt nu meteen uw aandacht? Een gele balk en een wieltje dat wat ongelukkig in een hoekje staat. Nutteloos. Maar het geel blijkt bij goed kijken een


stuk vinyl dat op een zilveren aluminium rechthoek is aangebracht. Zou dat wieltje nog kunnen draaien, het hangt nu wat hulpeloos in de lucht. De achterkant is die ook geel? Is de achterkant niet eigenlijk de bovenkant, als je bedenkt dat zo’n wieltje moet kunnen rijden onder zo’n plaat ....

Inmiddels heeft u wel enkele minuten gekeken en zich vragen gesteld. Misschien roept die eenzame rechthoek met dat nutteloze wieltje wel een gevoel op?? Nutteloos, hulpeloos, wat associeer je hier bij, hoort er wel bij iets??? Of misschien is het een vrolijk werk: een jolige gele zilveren plank met uitgedraaid wieltje dat even bijkomt....

DAT is wat kunst kan doen: het kan u uitnodigen tot kijken en als u iets ZIET, daar zijn de hoofdletters weer, voelt u vermoedelijk ook. En dit zien is niet gekoppeld aan mooi, of lelijk, maar aan gevoel en interpretaties.
Waarom beschrijf ik zo lang de mogelijkheden van 1 kunstwerk? Omdat ik de verrassingen van de andere werken niet voor u wil bederven. Al die werken delen iets mee en ik wil niet van tevoren uw oordelen beïnvloeden, of wegpoetsen. Dit ene werk is de pars pro toto voor alle andere collages / assemblages die hier zijn te zien. Gelukkig is er van Tuytel nog ander mooi werk, maar ook van andere kunstenaars om slechts een paar te noemen: Armando, Wilmerink en Henk Peeters.

U die in het Provinciehuis werkt, kom eens terug in de middag, ga zelfs een paar maal kijken. U die hier niet zit, ga eens wat eerder weg om deze tentoonstelling te bezoeken. U kunt hier zo maar verrast worden, inspiratie opdoen. Dat is gezond en geeft lucht in het dagelijks ritme! Waarom niet??

Ga eens goed zien wat er gebeurt, wat er is gedaan in zo’n kunstwerk en wat het doet in de eigen kop. Soms is het niets, is het niets, dat is dan ook niet erg. Gewoon doorlopen en naar iets anders kijken. Wie weet, wordt u geraakt door een van die kunstwerken en wellicht onverwachter dan gedacht.

Kunst, in het geval van deze tentoonstelling collages, biedt mogelijkheden om anders te zien. Dat gun je toch jezelf en je beste vrienden?

Micky Piller,
Heemstede, december 2021

Piller maakt samen met Kristoffel Lieten opwegnaardekunst.nl, ! een website over eigen collecties van vooral Nederlandse musea .